In Belgie
De middelenverbintenis verschilt van de resultaatsverbintenis door de bewijslast:
- Middelenverbintenis: de schuldenaar engageert zich om zijn best te doen. Als het resultaat niet bereikt wordt, moet de schuldeiser bewijzen dat de schuldenaar niet de redelijke middelen heeft ingezet (fout).
- Resultaatsverbintenis: de schuldenaar engageert zich tot een precies resultaat. Als hij het niet bereikt, wordt hij vermoed in fout (geen bewijs nodig).
In huurzaken geldt de middelenverbintenis voor het huurbeheerkantoor: het moet redelijke middelen inzetten om een huurder te vinden, maar garandeert niet hem binnen een bepaalde termijn te vinden. Ook de syndicus heeft een middelenverbintenis: hij moet het gebouw zorgvuldig beheren, maar garandeert geen afwezigheid van schadegevallen.
Concreet voorbeeld
Een verhuurder vertrouwt de verhuring toe aan een kantoor (exclusief mandaat van 3 maanden). Na 3 maanden zonder huurder verwijt de verhuurder het kantoor niets te hebben gedaan. Het kantoor bewijst dat het de advertentie op 4 portalen heeft geplaatst, 12 bezichtigingen heeft georganiseerd en 3 kandidaturen heeft doorgestuurd die door de verhuurder werden geweigerd. Het heeft zijn middelenverbintenis vervuld — geen fout.