In Belgie

Sociale huisvesting is een gewestelijke bevoegdheid. Elk Gewest beheert eigen maatschappijen en toewijzingscriteria:

  • Brussel: BGHM (Brusselse Gewestelijke Huisvestingsmaatschappij) en 16 OVM’s
  • Wallonie: SWL (Societe Wallonne du Logement) en de lokale SLSP’s
  • Vlaanderen: VMSW (Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen) en de SHM’s

De huurprijs wordt berekend op basis van de inkomsten van het huishouden (niet de marktwaarde) en is dus aanzienlijk lager dan de markthuurprijs. De toegangsvoorwaarden omvatten inkomenspafonds, vermogensplafonds en soms domicilieringsvoorwaarden.

De wachtlijsten zijn lang: meer dan 45 000 huishoudens op de wachtlijst in Brussel, met wachttijden die meer dan 10 jaar kunnen bedragen. Prioriteitscriteria bestaan: daklozen, huurders uit onbewoonbare woningen, personen met een handicap, slachtoffers van partnergeweld.

i
Goed om te weten
De sociale huurder geniet een versterkte bescherming: klassiek woninghuurcontract met nog strengere opzegvoorwaarden voor de sociale verhuurder. De huurprijs wordt jaarlijks herzien op basis van de inkomsten.

Concreet voorbeeld

Een Brussels huishouden met inkomsten van 1 800 EUR/maand verkrijgt een sociale woning na 7 jaar wachten. De huurprijs wordt vastgesteld op 280 EUR/maand voor een 2-kamerwoning (markthuurprijs: 900 EUR). De huurprijs wordt elk jaar herberekend: als de inkomsten van het huishouden stijgen, stijgt de huur evenredig (met een plafond).