In Belgie

Het vastgoedpatrimonium van een investeerder omvat het geheel van zijn goederen: eigen woning, huurpanden, terreinen, aandelen in een vastgoedvennootschap. Het wordt gemeten in brutowaarde (som van de venale waarden) en in nettowaarde (na aftrek van het resterend kapitaal op de kredieten).

De opbouw van een vastgoedpatrimonium in Belgie volgt vaak een progressief schema:

  1. Eerste goed: eigen woning (fiscale voordelen, verlaagd tarief)
  2. Eerste investering: een huurappartement, vaak gefinancierd met het eigen vermogen van de eigen woning
  3. Groei: opeenvolgende aankopen met gebruik van de latente meerwaarde en de huurinkomsten als hefboom
  4. Optimalisatie: structurering via een vennootschap, successieplanning (vruchtgebruik, schenking)
i
Goed om te weten
In Belgie bestaat geen vermogensbelasting op vastgoed (in tegenstelling tot de Franse IFI). Het vastgoedpatrimonium wordt enkel belast via de jaarlijkse onroerende voorheffing en de personenbelasting op de onroerende inkomsten.

Concreet voorbeeld

Een investeerder van 45 jaar bezit: zijn woning (waarde 380 000 EUR, resterend kapitaal 140 000 EUR) + 2 huurappartementen (totale waarde 450 000 EUR, resterend kapitaal 280 000 EUR). Bruto patrimonium: 830 000 EUR. Netto patrimonium: 830 000 - 420 000 = 410 000 EUR. Huurinkomsten: 1 650 EUR/maand netto.