Rechten van de student-huurder
De studentenhuurovereenkomst biedt specifieke beschermingen die zijn afgestemd op het academische traject. De student geniet onder meer van:
Recht op flexibele opzegging: de student kan het huurcontract opzeggen met een opzegtermijn van 2 maanden in de drie Belgische gewesten. Dit recht is soepeler dan bij een klassiek huurcontract. De student kan ook opzeggen voor de aanvang van het contract als de inschrijving niet doorgaat.
Recht op een gezonde woning: het kot moet voldoen aan de gewestelijke normen inzake gezondheid, veiligheid en bewoonbaarheid. De student kan herstellingen eisen als de woning niet aan deze criteria voldoet.
Recht op privacy: de verhuurder mag de woning niet betreden zonder toestemming van de student, behalve bij noodgevallen (waterlekkage, brand). Bezoeken voor herverhuring moeten vooraf worden afgesproken.
Domiciliering: de student is niet verplicht zich te domicilieren op het adres van het kot. Hij kan zijn domicilie bij zijn ouders behouden. Domiciliering is geen voorwaarde voor de studentenhuurovereenkomst.
Plichten van de student
Tegenover zijn rechten moet de student verschillende verplichtingen nakomen:
- De huur betalen op de afgesproken datum, ook tijdens vakanties als het contract over 12 maanden loopt.
- De woning onderhouden: ddagelijkse schoonmaak, kleine herstellingen (lampen, voegen, klinken).
- Het huishoudelijk reglement respecteren: geluidshinder, uren, afvalsortering, gemeenschappelijke ruimten.
- Een verzekering afsluiten (brand, waterschade). Vaak vereist door het huurcontract.
- Niet onderverhuren zonder schriftelijke toestemming van de verhuurder.
- De woning teruggeven in goede staat bij het einde van het huurcontract, rekening houdend met normale slijtage.
- Belangrijke schade melden aan de verhuurder zo snel mogelijk.
Het niet-naleven van deze verplichtingen kan een gerechtelijke ontbinding van het huurcontract door de verhuurder rechtvaardigen, via de vrederechter.
De ouderlijke borg
De overgrote meerderheid van de verhuurders eist een borgsteller (vaak een ouder) bij de ondertekening van het studentenhuurcontract. De borgsteller verbindt zich ertoe de huur en de kosten te betalen als de student dit niet doet.
Wat de wet voorziet:
- De ouderlijke borgstelling is niet wettelijk verplicht.
- Als zij voorzien is, moet zij in een geschreven akte staan (clausule in het contract of apart document).
- De borgsteller kan zijn verbintenis beperken in de tijd (duur van het contract) en in het bedrag.
- De borgsteller is hoofdelijk aansprakelijk: de verhuurder kan zich rechtstreeks tot hem wenden zonder eerst de student aan te spreken.
Advies: laat in het huurcontract de exacte grenzen van de verbintenis van de borgsteller vastleggen (maximumbedrag, duur, soorten gedekte schuldvorderingen). Een vage clausule kan de borgsteller verder binden dan redelijk is.
Naast de borgstelling wordt ook een huurwaarborg (2 of 3 maanden huur naargelang het gewest) gevraagd.
Plichten van de verhuurder
De verhuurder van een studentenkot heeft strenge wettelijke verplichtingen:
Een conforme woning ter beschikking stellen: het goed moet in goede staat zijn en voldoen aan de gewestelijke normen voor gezondheid en veiligheid. In Vlaanderen kan een conformiteitsattest vereist zijn.
Het EPC-certificaat voorleggen: het Energieprestatiecertificaat moet bij het huurcontract worden gevoegd. Het ontbreken ervan stelt de verhuurder bloot aan boetes.
De grote herstellingen uitvoeren: dak, elektrische installatie, verwarmingsketel, leidingen. De verhuurder mag deze werken niet afwentelen op de student.
De privacy respecteren: geen toegang zonder voorafgaand akkoord, behalve bij noodgevallen.
Het huurcontract registreren: binnen 2 maanden via MyRent (gratis). Wie het contract niet registreert, stelt de student in staat te vertrekken zonder opzegtermijn of vergoeding.
De huurwaarborg terugbetalen: binnen de wettelijke termijnen na de plaatsbeschrijving bij uittrede, na aftrek van eventuele schade.
Bij geschillen
Als er een conflict ontstaat tussen de student en de verhuurder, bestaan er verschillende opties:
- Rechtstreeks overleg: probeer eerst een minnelijke oplossing via schriftelijke weg (e-mail of brief).
- Bemiddeling: de gemeentelijke bemiddelingsdiensten of het OCMW kunnen gratis tussenbeide komen.
- Vrederechter: de vrederechter van de plaats waar het goed gelegen is, is bevoegd voor huurgeschillen. De procedure is snel en goedkoop.
De meest voorkomende geschillen gaan over de terugbetaling van de huurwaarborg, de plaatsbeschrijving bij uittrede en herstellingen die de verhuurder niet heeft uitgevoerd.
Voor een conform en veilig studentenhuurcontract, gebruik onze online contractgenerator of raadpleeg het hoofdstuk studentenhuur.